2603 Data, materialen en meters maken
Het is 5 maart en we zijn te gast in ‘het Paleisje’, naast het stadhuis van gemeente Tilburg voor de bijeenkomst van het netwerk verduurzamers. Met zo’n 25 collega’s uit het hele land praten we over wat er nodig is om echt tempo te maken met de verduurzaming van maatschappelijk vastgoed. Dat gaat over techniek, maar minstens zo vaak over samenwerking, regels, data en lange adem.
Rondje vraag en aanbod
We beginnen zoals altijd met de vraag: wat speelt er bij jou en wat wil je ophalen? De onderwerpen lopen uiteen van monitoring en wetgeving tot materiaalgebruik en routekaarten. Op tafel komen veel vragen over circulair bouwen, netcongestie en de oproep tot samenwerken voor grotere inkoopkracht. Het laat meteen zien hoeveel er tegelijk op ons afkomt, en hoe waardevol het is om ervaringen te delen.
Spoorzone Tilburg als voorbeeld
We starten met een kijkje in de Spoorzone van Tilburg, waar duurzaamheid, mobiliteit en stedelijke ontwikkeling samenkomen. Het project laat zien hoeveel tijd samenwerking kost: zeven jaar ontwerpen en afstemmen met de gemeente, NS en ProRail. Gebouwen, spoor en openbare ruimte zijn van verschillende partijen, maar moeten als één geheel functioneren. Pleinen met waterberging, veel groen tegen hittestress en een fietstunnel met meefietsend licht laten zien dat verduurzaming net zo goed gaat over gebruik, beleving en veiligheid als over techniek. Zelfs de benaming van een gebied blijkt politiek gevoelig: noem het geen voor- en achterkant, maar noord- en zuidkant.
Circulariteit begint bij de keten
Daarna vertelt Tilburg verder over circulariteit en de plek hiervan in de Routekaart. Biobased bouwen betekent ook dat de keten moet kloppen. Gebruik je schapenwol als isolatie, dan moet er genoeg beschikbaar zijn. En als de vraag stijgt, is de voorraad snel op. Dan kom je vanzelf uit bij boeren, verwerkers en afspraken voor de lange termijn. Zonder die verbinding in de supplychain blijft circulair bouwen een goed idee op papier.
Tilburg kijkt daarom niet alleen naar kosten, maar ook naar CO₂ over de hele levensduur. Sommige materialen beginnen met zo’n hoge uitstoot dat je die nooit meer inloopt. Met oogstkaarten en materialeninventarisaties wordt steeds vaker gekeken wat al in een gebouw zit en opnieuw gebruikt kan worden.
Testen in de praktijk
Nieuwe materialen passen niet altijd in bestaande normen. Testen gebeurt vaak onder ideale omstandigheden, terwijl gebouwen veel complexer zijn. Daarom wordt vaker in de praktijk gemeten. Bij een project met Sorghem zijn sensoren geplaatst en wordt samen met de brandweer gekeken naar gelijkwaardigheid: niet precies volgens de norm, maar aantonen dat het net zo veilig is. Dat vraagt ook om goed stakeholdermanagement. Want hoe leg je uit dat een school een testlocatie is? De techniek is belangrijk, maar het gesprek erover minstens zo.
Verplichtingen vanuit het Rijk
Na de lunch schuiven het ministerie van BZK en het Rijksvastgoedbedrijf aan. We bespreken de nieuwe regels rond EED, EPBD en energielabels. Gemeenten moeten steeds beter laten zien hoe hun gebouwen presteren, niet alleen op papier maar ook in gebruik. Niet alleen van gebouwen die je bezit, maar ook van gebouwen die je huurt.
Werken met de WEii
Het Rijksvastgoedbedrijf laat zien hoe zij werken met de WEii en het Energiekompas om prestaties inzichtelijk te maken. Daarmee kun je zien of een gebouw echt zuinig is, en niet alleen een goed label heeft. Dat verschil blijkt groter dan veel mensen denken.
Sturen met data
In de middag gaat het over datagedreven werken. Assen laat zien hoe ze hun routekaart hebben omgebouwd van een Excelbestand naar een systeem waarmee je kunt sturen en bijsturen: de Routekaartmanagers. Niet alleen plannen maken, maar ook volgen wat er gebeurt. Wat levert een maatregel echt op? Wat kost het? Wat betekent het voor de CO₂-reductie?
Daarvoor heb je goede data nodig. En die blijkt vaak versnipperd. In MJOP’s, energierekeningen, projectadministraties en losse bestanden. Door die informatie bij elkaar te brengen ontstaat stuurinformatie.
Conclusie
Aan het eind van de dag blijft vooral het gevoel hangen dat alles met elkaar samenhangt: circulariteit, energie, klimaatadaptatie, regelgeving, monitoring en data. Iedereen wil vooruit, maar er zit nog veel werk aan het op orde krijgen. Sommige gemeenten werken aan manieren om beter te meten, anderen worstelen met split incentives tussen eigenaar en gebruiker. Weer anderen zoeken naar manieren om materiaalgebruik mee te nemen in besluiten. De algemene conclusie is dat het fijn is dat niemand dit alleen hoeft te doen.
Wat volgt?De volgende bijeenkomst is in het najaar. Ondertussen werken we vanuit Bouwstenen intensief samen met TKI en de VNG aan het VMV-programma. Wil je hier ook iets in betekenen, laat het dan gelijk even weten via info@bouwstenen.nl. Ben je nog geen lid van het Verduurzamers netwerk van Bouwstenen en wil je graag meedoen? Mail dan ook naar info@bouwstenen.nl.
|
Image
|
Meer informatie
Netwerk: Verduurzamers
Webinfo: Verduurzamingsaanpak Maatschappelijk Vastgoed, VMV programma (TKI bouw en techniek)
Webinfo: informatieplicht energiebesparing (RVO, 2026)
Presentatie: Circulaire economie gemeente Tilburg
Presentatie: Routekaart 3.0 gemeente Tilburg
Presentatie: Spoorzone en station Tilburg
Presentatie: VMV programma
Presentatie: Rijksvastgoedbedrijf bijeenkomst Verduurzamers
Presentatie: Routekaartmanager gemeente Assen en Renor
Presentatie: EED en EPBD ministerie BZK






